Xento
Image default
Verbouwen

Water en afvoer naar een bijgebouw: zo regel je het vooraf

Steeds meer mensen bouwen iets bij op hun eigen grond. Een werkplaats achter het huis, een tuinkamer met een keukentje of een mantelzorgwoning voor een ouder. Zodra er water in dat gebouw moet komen, wordt het project groter dan het lijkt. Er moet een leiding naartoe, het afvalwater moet weg en soms wil het waterbedrijf een eigen meter. Wie dat aan het begin regelt, voorkomt dat de net aangelegde tuin weer open moet.

Eerst de vraag: één aansluiting of twee?

Voor een werkplaats of tuinkamer volstaat meestal een leiding vanaf de bestaande installatie in het huis. Het water loopt dan via je eigen meter, en voor het waterbedrijf verandert er niets. Wordt het bijgebouw een zelfstandige woning, bijvoorbeeld voor mantelzorg of verhuur, dan kan een eigen aansluiting nodig of handig zijn. Dat geldt ook bij boerderijen en grote erven waar stallen, loodsen en woningen ver uit elkaar liggen.

De regels verschillen per waterbedrijf. Neem daarom contact op voordat je gaat graven en vraag welke aansluiting zij toestaan, waar de meter moet komen en welke kosten erbij horen.

Wanneer de meter buiten komt te liggen

Normaal hangt de watermeter in de meterkast. Ligt een gebouw ver van de hoofdleiding in de straat, dan plaatst het waterbedrijf de meter soms aan de rand van het perceel. Dat voorkomt dat er een lange leiding zonder meting over je grond loopt, waar een lek lang onopgemerkt blijft. De meter komt dan in een watermeterput: een geïsoleerde put in de grond met een deksel waar de meteropnemer bij kan.

Zo’n put moet aan een paar eisen voldoen. De leiding en de meter moeten vorstvrij liggen, in Nederland meestal zo’n 60 tot 80 centimeter onder maaiveld. Het deksel moet op de plek passen: in een grasstrook is een licht deksel genoeg, op een oprit waar een auto overheen rijdt, heb je een berijdbare uitvoering nodig. Vraag het waterbedrijf welke putten zij goedkeuren, want sommige bedrijven leveren of plaatsen de put zelf.

Afspraken om vooraf te maken

  • Waar de aansluiting en de eventuele meterput precies komen.
  • Wie de sleuf graaft: jij, je aannemer of het waterbedrijf.
  • Hoe diep de leiding moet liggen en welk materiaal is toegestaan.
  • Of er een terugstroombeveiliging nodig is, bijvoorbeeld als je ook regenwater of een eigen bron gebruikt.
  • Wanneer het waterbedrijf de meter plaatst en de aansluiting in gebruik geeft.

Vergeet de afvoer niet

Water dat erin gaat, moet er ook weer uit. Een keukentje, wasbak of douche in het bijgebouw heeft een afvoer nodig naar het riool of naar de bestaande afvoer van het huis. Bij een lange afstand of een afvoer die van richting verandert, zet je op die punten een inspectieput. Daarmee kun je later de leiding ontstoppen of met een camera inspecteren zonder te hoeven graven.

Voor zo’n put in de tuin of op het erf kiezen veel aannemers een prefab betonput. Beton blijft op zijn plek, ook als er later een auto of een minigraver overheen rijdt, en het deksel ligt na jaren nog vlak in de bestrating. Let wel op de diepte: de afvoer moet onder afschot lopen, en hoe langer de leiding, hoe dieper het eindpunt komt te liggen.

Gescheiden afvoer is in veel gemeenten de regel. Het afvalwater gaat naar het riool, het regenwater van het dak naar een infiltratievoorziening, een vijver of de sloot. Kijk dus ook naar de dakgoot van het bijgebouw en neem die mee in het plan.

Graaf alles in één keer

Water, afvoer, stroom en soms een glasvezelkabel lopen vaak dezelfde kant op. Leg ze in één sleuf of in sleuven naast elkaar, met genoeg afstand ertussen en een waarschuwingslint erboven. Maak foto’s met een meetlint in beeld voordat je de sleuf dichtgooit. Wie over tien jaar een boom wil planten of een terras wil leggen, weet dan precies waar hij niet moet graven.

Doe vooraf ook een KLIC-melding. Zo zie je of er kabels of leidingen van netbeheerders in de grond liggen waar je wilt graven.

Tot slot

Een bijgebouw met water is goed te doen, maar de leidingen zijn het deel dat je later niet meer ziet. Regel de aansluiting met het waterbedrijf, plaats putten waar je later bij moet kunnen en leg alles in één keer aan. Dan heb je een gebouw waar het water gewoon werkt en waar je de tuin niet steeds opnieuw hoeft open te leggen.

https://www.fabiton.nl/